blog

Alan Watts

Ik heb weinig of niets met auto’s, dus tot mijn grote verbazing werd ik onlangs meteen gegrepen door de nieuwe commercial voor de Volvo V90!
Sterker nog, ik word er telkens weer door ontroerd. Het komt vooral door de intrigerende voice-over die door de mooie beelden en muziek wordt ondersteund. Het blijkt een 50 jaar oude speech te zijn van filosoof Alan Watts, wiens publicaties het materialistische Westen in de jaren ’50 en ’60 de ogen opende voor de filosofische rijkdom van Aziatische religies. Zijn lezingen, schrijfsels, ideeën en uitspraken, allen zeer lezenswaardig, zijn in 2017 actueler dan ooit. Watts stierf onverwachts in 1973, 58 jaar jong.

Natural History

Mijn vader gaf mij ooit dit exemplaar van een zeer oud lesboekje uit 1879. Geen idee hoe hij er aan was gekomen. Waarschijnlijk via mijn oom die als pater op het seminarie literatuur en letterkunde doceerde. Het gaat om Natuurhistorie maar bevat naast mooie gravures en beschrijvingen van wilde dieren, ook een katern met gedichten en grammatica. Was leren van het verband tussen facts and spirituality mogelijk de gedachte hierachter? Dat zou een heel vooruitstrevend idee geweest zijn, waarvoor in het moderne onderwijs steeds minder tijd lijkt te bestaan. Er staat een prachtig gedicht in van de dichteres Eliza Cook (1818-1889) getiteld “The old armchair” (rood omlijnd) en toen ik opzocht wie zij nu weer was, viel ik van de ene verbazing in de andere. Maar dat is weer een ander verhaal.

The old man and the sea

Heel soms zijn er van die momenten dat alles klopt in een film. Verhaal, muziek, kleur, beelden, acteurs. Zo ook bij deze mythische film van John Sturges uit 1958, naar een verhaal van Ernest Hemingway, dat  zich afspeelt in het pre-Castro tijdperk op Cuba. Vooral in gerestaureerde vorm zijn dit soort oude Hollywoodfilms een ware lust voor oog en oor. Met Spencer Tracy in topvorm in een van zijn laatste optredens.

the-old-man-and-the-sea

Bindingsleer

Rond 1900 schrijft mijn opa, Jan de Greef, in een prachtig regelmatig handschrift als eerste zin: “Een weefsel is een regelmatige verslingering draden, die zich in een vlak laat uitstrijden. De regels volgens welke de draadverslingeringen geschiede vat men samen onder den naam van bindingsleer.
Hij was toen rond de twintig en volgde een opleiding aan de Textielschool in Eindhoven. Talloze patronen illustreren zijn tekst. Het cahier is prachtig bewaard gebleven dankzij mijn tante.

bindingsleer

Encyclopedie in zegels

Jarenlang heb ik mij afgevraagd waarom één bepaald boek toch zo’n enorme indruk op mij als achtjarige heeft gemaakt, dat ik het niet vergeten kon. De plaatjes, die als knipvellen voor- en achterin zaten en die je zelf in moest plakken, evenals de cover, stonden gebrand op mijn netvlies. Ik dacht dat het deel uitmaakte van de serie: “Wereld in beeld”, maar onlangs ontdekte ik dat de ware titel “Encyclopedie in zegels” was, met als onderwerp “Wonderen der natuur”. Via Marktplaats vond ik een tweedehands exemplaar en de schok der herkenning was groot. Alsof je na vele jaren een oude bekende ontmoet. Elk plaatje kon ik mij nog precies herinneren. Bovendien merk ik dat elk onderwerp uit dit boek nog altijd mijn warme interesse heeft: prehistorie, kometen, meteoren, poollicht, zonsverduistering, grotten, piramides, diepzee, vulkanen, geisers, tsunami’s en onweersstormen – alles komt voorbij in dit onvolprezen educatief meesterwerkje, geschreven door Anne Terry White en werkelijk práchtig geïllustreerd door George Solonevich. De eerste druk van het album werd in 1960 in New York uitgegeven door Golden Press.
Encyclopedie in zegels

The red turtle

Nu in de filmhuizen: een unieke samenwerking tussen Oscarwinnaar Michael Dudok de Wit (“Father and daughter”) en de fameuze Japanse animatiestudio Ghibli, getiteld: ”The red turtle”. Een parabel over leven en dood, natuur en mysterie. Verrassend dat een dergelijke film nog mogelijk is in deze harde commerciële tijden. Poëtisch en spannend tegelijk. Op “NPO gemist” is een boeiende documentaire te bekijken over het productieproces.
http://www.npo.nl/2doc-het-verlangen-van-michael-dudok-de-wit/05-07-2016/VPWON_1207214
Bekijk hier de trailer: https://www.youtube.com/watch?v=y3uYequDQqcthe-red-turtle-studio-ghibli

Viewmaster

De gimmick van stereoscopie fascineert al sinds de 19e eeuw het publiek. Het blijft wonderlijk om diepte te ervaren in een stilstaande afbeelding op een plat vlak, en eigenlijk zijn 3D plaatjes veel leuker om te bekijken dan 3D films. Laatst ontdekte ik dat de rechten op Saywers Viewmaster (rechts), die tot op de dag van vandaag als speelgoed verkocht werd, zijn opgekocht door (hoe kan het ook anders) Google. Zij brengen nu de cardboard VR viewer (links) op de markt die je zelf in elkaar zet en waarin je je mobiel kunt stoppen om apps af te spelen met stereoscopische animaties. Een soort ”poor mans” Samsung Gear VR bril dus.
Viewmaster

Qingming rol

Ten tijde van de Noordelijke Song dynastie (960-1127) ontstond op het Chinese vasteland een hoogstaande cultuur, die grote uitvindingen voortbracht en hoogstaande filosofische gedachten. Nog nooit had de mensheid steden met zoveel welvaart en vrede voortgebracht als de hoofdstad Kaifeng. Uit die tijd dateert de Qingming rol, een panoramische schildering door de Song kunstenaar Zhang Zeduan (1085–1145) waarop allerlei scènes uit het dagelijks leven in de stad te zien zijn. Voor de Wereldexpo in Shanghai in 2010 werd een zes meter hoge en 110 meter lange animatie geproduceerd, tienmaal zo groot als het origineel. Het ziet er zelfs op een tv scherm al indrukwekkend uit.

Quingming scroll animation

Folon

De zeefdruk, “La vue”, is gemaakt door de Belgische kunstenaar Jean-Michel Folon (1934 – 2005). Het werk dateert van 1970. Folon was een alleskunner: hij tekende, schilderde, maakte zeefdrukken en gravures, werkte aan films, was beeldhouwer en grafisch ontwerper.
In de jaren ’60 brak hij door in Amerika, daarna in Frankrijk en vervolgens lag de wereld voor hem open. In La Hulpe (Terhulpen), vlak onder Brussel) is het museum van de Fondation Folon te bezoeken.

Folon The View 1970

Lego

Als kind had ik de keuze tussen gele, zwarte, blauwe, witte en rode steentjes. Er waren diverse groene grondplaten om op te bouwen, transparante blokjes, langwerpige reclamebordjes, één(!) elektromotortje, wieltjes, raampjes en enkele autootjes. Dat was het wel. Alles in een platte houten kist met vakjes waarin het lastig opbergen was. Een ware uitdaging om met zo weinig middelen iets te scheppen.
Tegenwoordig zijn er duizenden onderdelen, computer aangestuurde apparaatjes en hele StarWars ruimtevloten. Ik had het vroeger zeker eindeloos gevonden, maar toch vind ik het bedenken van eigen vormen belangrijker dan spelen met kant en klare onderdelen. Lego werd zo wel de grootste speelgoedfabrikant ter wereld, zoals de pers onlangs meldde.Lego original

 

Middeleeuwse humor

Als ‘Middeleeuws’ in bovenstaande titel klinkt als ‘ouderwets’ bekijk dan eens de blogs van Erik Kwakkel, een Nederlandse historicus en specialist in middeleeuwse boeken en manuscripten. Op Twitter (@erik_kwakkel) en Tumblr (erikkwakkel.tumblr.com) staan talloze geestige doodles zoals dit, in de marge van een ernstig gebedenboek gekrabbeld, Monty Python-achtig  typetje. Tijdloos gedrag van mensen die uit verveling even hun ware gedachten aan ons onthullen, zoals dat nu nog steeds gebeurt. Ook valt er op deze blogs veel van andere verbazingwekkende verrassingen in antieke boeken en manuscripten te genieten.
Eric Kwakkel

Zonsondergang

Nee, dit is geen mooi plaatje van mijn vakantieadres. De Curiosity Mars rover van de NASA legde deze foto van de zonsondergang vast aan het einde van de 956ste dag van zijn missie op Mars, op 15 april 2015. De locatie is Gale Crater. Dit was de eerste zonsondergang die in kleur werd vastgelegd door Curiosity, het onderzoeksvoertuig van de NASA. De Mastcam camera ziet kleuren bijna even goed als het menselijk oog, maar is wat minder gevoelig voor blauw.
PIA19400

Winnie the Pooh

Een van de mooiste vondsten die ik ooit op een rommelmarkt deed, was dit fraaie boekje uit 1967 van Winnie de Pooh. Het gaat om de vertaling door Nienke van Hichtum (pseudoniem voor Sjoukje Maria Diderika Troelstra- Bokma de Boer, 1860-1939), de bekende Friese kinderverhalenschrijfster van o.a. “Afke’s tiental” en verzamelaar van volksverhalen. Ze was ook een tijdlang getrouwd met Socialisten voorman Pieter Jelles Troelstra.
Het boekje is fraai ingebonden met een linnen omslag en is zichtbaar gedrukt met loodzetsel, een vergeten druktechniek.
Winnie de Pooh

Monsieur Vieux Bois

Aan het begin van de 19e eeuw maakte de Zwitserse karikaturist Rodolphe Töpffer (1799-1846) een satirische strip getiteld “Histoire de Mr. Vieux Bois”. Een hilarische opeenvolging van de mislukte zelfmoordpogingen van een mannetje die uiteindelijk toch leiden tot een happy end. Algemeen beschouwd als de voorloper van de krantenstrip, omdat het verhaal in sequenties van beelden met bijbehorende teksten verteld werd, en niet in een opeenstapeling van losstaande cartoons. Töpffers strip was oorspronkelijk bestemd voor een kleine vriendencirkel, maar werd populair in heel Zwitserland en later ook in de Verenigde Staten. Daar deden al snel imitaties van deze vroege ‘strip’ de ronde. (“The Adventures of Mr. Obadiah Oldbuck”). De legendarische duizendpoot Goethe schijnt erg gecharmeerd geweest te zijn door het werk van deze talentvolle schrijver/tekenaar, die hij aanmoedigde verder te gaan.
VieuxBois17

Letraset

Tussen de periodes dat drukwerk met loodzetsel en clichés werd opgemaakt en de huidige digitale prepress werkwijze, bestond er ook een tussenfase. Met behulp van dure ‘afwrijfvellen’ van Letraset of Mecanorma hadden ontwerpers de beschikking over alle denkbare letterfonts. Wrijvend met een spatel werden de letters overgezet op papier. Het zo ontstane ontwerp werd vervolgens op films vastgelegd onder een grote reproductiecamera.
Dit deed men op grote schaal in de jaren ’60 t/m ’80 van de 20e eeuw. Met de steeds geavanceerdere mogelijkheden van QuarkXpress en InDesign software viel het doek voor deze specialiteit. Met veel moeite kun je tegenwoordig in de handel nog wel eens afwrijfvellen kopen.
Letraset vel

Henry Mancini

Henry ManciniRond de kerstdagen zijn er regelmatig oude films te zien waarbij de filmmuziek is gecomponeerd door Henry Mancini. Zijn allerberoemdste score is het zogenaamde ”Pink Panther theme”. Mancini was uit de jazzwereld voortgekomen en gold in de jaren ’50 en vooral ’60 als dé man voor scores vol glamour, sexy sounds en spannende muziek. Zijn muziek voor de thriller ”Arabesque” is niets verouderd. De allereerste lp (!) die ik begin jaren ’70 kocht was een verzameling van zijn beroemdste tracks.

 

Rothko

Toen ruim een halve eeuw geleden het gemiddelde gezin zelden veel meer te zien kreeg dan kunst die ‘iets voor moest stellen’ schilderde de Amerikaanse kunstenaar Mark Rothko (1903-1970) deze intrigerende abstracte doeken op groot formaat. Het doet je niets of je bent er weg van. Nog te zien tot 1 maart 2015 in het Gemeentemuseum van Den Haag.

Rothko018

Simplicissimus

Rond 1900 verscheen in Zuid-Duitsland een satirisch tijdschrift dat op geestige wijze de toenmalige maatschappij op de schop nam. De naam Simplicissimus was ontleend aan een romanfiguur uit de Duitse literatuur. Legio buitengewoon getalenteerde tekenaars illustreerden om beurten het blad. In hun cartoons moesten vooral de keizer en de politiek het ontgelden maar ook de heersende klasse werd niet gespaard. Aanvankelijk stelde de redactie zich neutraal op maar vanwege de opkomst van het fascisme sloegen de oorspronkelijke oprichters op de vlucht en werd het blad gaandeweg een spreekbuis van de nazi’s. Het ging dan ook samen met hen ten onder. De afgebeelde prenten zijn van een tekenaar van wie ik de naam nog niet heb kunnen achterhalen.
Simplicissimus

Japanse houtsneden

Japanse houtsneden fascineren mij al sinds de jaren ’80. Er zijn zoveel periodes, stijlen en ontwikkelingen geweest in de afgelopen 5 eeuwen dat ik hierover een aparte website zou kunnen vullen. De beroemde ‘golf’ van Hokusai is een van de meest gekopieerde en geparodieerde werken uit de kunstgeschiedenis. Een prent, vaak onderdeel van een serie, werd in opdracht van een uitgever vervaardigd door drie soorten ambachtslieden: de tekenaar/bedenker, de houtsnijder en de drukker. Zij waren meesters in hun vakgebied en maakten samen tijdloze beelden die de eeuwen hebben getrotseerd en soms vandaag de dag nog worden herdrukt op basis van oude blokken. Het zijn nu peperdure  handelsobjecten in de hedendaage kunsthandel, terwijl in het oude Japan deze prenten golden als een populaire volkskunst die iedereen kon betalen. Deze afbeelding van Tsunetomi (1880-1947) uit 1923 is een van de laatste klassieke houtsnijprenten voordat modernere kunstenaars in de tweede helft van de 20e eeuw gingen experimenteren met nieuwe technieken.
Tsunetomi

Tiffany Jones

Tiffany Jones was een stripheldin in de Daily Sketch/Daily Mail en werd vanaf 1964 t/m 1977 internationaal als krantenstrip gepubliceerd, ook in Nederland. De strip werd bedacht door een team van twee vrouwelijke stripmakers. Een unicum destijds, en nu eigenlijk nog steeds: Pat Tourret (tekeningen) and Jenny Butterworth (scripts). Ik was dol op de strakke en sensuele tekeningen. Tiffany was een fotomodel en beleefde allerlei avonturen in de wereld van mode en glamour. De verhalen waren vlot geschreven maar van de inhoud kan ik mij niet veel meer herinneren. De strip had een heerlijke swinging sixties uitstraling. Ik heb er nog geen enkele heruitgave van terug kunnen vinden.

Tiffany Jones

Andrew Wyeth

Andrew Wyeth (1917-2009) was een Amerikaanse realistisch schilder wiens werk soms ergens tussen kunst en kitsch terecht dreigde te komen. Onder critici leidde dit niet zelden tot scherpe controverses. Dat hij bij het grote publiek en bij de elite zeer geliefd was, gold lange tijd ook niet echt als een aanbeveling. Onterecht, zo blijkt steeds meer. Uitgevoerd in meesterlijk tempera of aquarel, bevatten zijn schilderijen en aquarellen onderhuids een laag die veel menselijk lijden suggereert. Daardoor behoudt het zijn vele facetten  tot op de dag van vandaag. In dat opzicht is Wyeth eenzelfde raadselachtige kunstenaar als Edward Hopper, al is de achtergrond van beide mannen totaal verschillend.

Barracoon

Huis in verval

Hoe schilderachtig verval eruit kan zien toont deze foto van vergane glorie in het Amerika van de veertiger jaren. Als dat geen inspiratie geeft voor een leuke tekening…

Schilderachtig huis

Hoe het begon…

De drie boeken die mijn leeshonger hebben opgewekt heb ik toevallig nog. Mijn eerste leesboek, mijn eerste populairwetenschappelijke boek, en mijn eerste stripboek. Drie onderhoudende boekjes, in een wereld met nog weinig andere prikkels, kunnen een klein kind enorm beïnvloeden. En zelfs miljoenen lettertjes later is dat bij het weerzien nog steeds voelbaar. Leren lezen is  zo verschrikkelijk spannend en leuk. Zou dat in de toekomst afnemen, met alle nieuwe media en de verminderde populariteit van lezen onder jongeren?

Mijn eerste drie boeken

Eitjes schilderen

En daar werd ik vroegeeierfarben.pngr nou zo blij van. Die gezellige, beetje kitcherige paashaas met z’n verf en penselen. Altijd in een vrolijke bui. En omdat ik rond die tijd ook jarig was, kreeg ik vaak een schetsboek en kleurpotloden of verf. Nu was het echt lente en kon het feest beginnen.

Ton Smits

Lang voordat IKEA in Nederland doorbrak, voorzag de Nederlandse cartoonist Ton Smits (1921-1981) met vooruitziende blik het spanningsgebied tussen natuurbehoud en consumptiemaatschappij. Ton Smits was de eerste cartoonist uit Europa die in de jaren ’50 van de vorige eeuw bij het Amerikaanse blad “The New Yorker” een contract aangeboden kreeg.

Ton Smits cartoon

Kleine Sofie en Lange Wapper

De UK heeft “Alice in Wonderland” of “Harry Potter”, Amerika “The Wizard of Oz”, maar Nederland kent ook een klassieker in de jeugdliteratuur: “Kleine Sofie en Lange Wapper”, van schrijfster Els Pelgrom en illustrator The Tjong Khing, verschenen in 1984. Een prachtig verhaal over een (ongeneeslijk) ziek meisje dat in sfeervolle, droomachtige vertellingen haar noodlot tegemoet ziet. Ik ben nog altijd de trotse bezitter van de eerste druk. Het boek is tijdloos en een klassieker!

Kleine Sofie en Lange Wapper

Graphis

In de jaren ’70, toen het begrip glossy nog niet bestond,  waren er al heel wat bijzondere tijdschriften die qua vormgeving grenzen verlegden. Graphis was een Zwitsers initiatief, geleid door Walter Herdeg, en bracht de crème de la crème van internationale grafische vormgeving en illustratie. Het was een duur magazine en een abonnement was voor mij in die tijd onbetaalbaar. Af en toe kocht ik een los nummer. Op de getoonde covers staat werk van Brad Holland (links, 1985) en Stasys Eidrigevicius (1986). Ook de Annuals over vormgeving, fotografie e.d. waren fraai en duur. Tegenwoordig kun je een abonnement nemen op www.graphis.com om het archief van het tijdschrift te raadplegen en verschijnen de jaarboeken met hedendaags werk nog altijd in druk.

Graphis covers

Supercar

Het Verenigde Koninkrijk was ooit een bakermat van populaire science fiction in allerlei vormen. Niets was zo geheimzinnig en smaakte naar meer als het zien van de tv-series uit het begin van de jaren ’60 van Gerry Anderson (1929-2012), met voor die tijd state of the art speciale effecten. Op wazige zwart-wit televisies, waarvan de goede ontvangst afhing van de weersomstandigheden. Een tijd waarin je geduld vier weken op de proef werd gesteld voor weer een nieuwe aflevering. En als je hem mistte, was het voorbij. Geen video, geen uitzending gemist, geen YouTube.

 Cover Supercar

Frits, uomo universale

In de wereld van het beeldverhaal is Frits Jonker al meer dan 25 jaar bekend als zogenaamde ‘letteraar’. Een letteraar tekent met een uniek handschrift de teksten in de balloons van stripverhalen, meestal na vertaling. Nu ook dit ambacht aan de druk van de digitale inquisitie ten prooi valt, mag de kunstliefhebber in zijn handjes klappen. Want Frits heeft naast een omvangrijke muziekkennis ook een scherp oog voor ongewoon beeldmateriaal uit heden en verleden. Het zijn niet alleen kalligrafische pareltjes die Frits maakt. Ook portretten, collages en deze fascinerende, op glas in lood lijkende, montages van tijdschriftfoto’s zijn van zijn hand.  Stel je het invallende licht voor als dit ontwerp een echt venster zou zijn! Zijn website http://showcase.thebluebus.nl vind je in de inspiratieladder op deze site.

PaperMosaic18

The once and future king

Als er een boek is dat mij rond mijn 20e geraakt heeft, is het wel ”Arthur, koning voor eens en altijd” (The once and future king). Een verzameling bewerkingen uit de jaren ’50 van door Sir Thomas Malory (c.a. 1405-1471) op schrift gestelde sagen met de titel “De Morte d’Arthur”. Op unieke wijze heeft White deze bewerkt tot een modern episch verhaal over jeugd en overmoed, ouderdom en teleurstelling, beschreven met veel humor en lak aan conventies. En enorm goed gedocumenteerd. White was immers de auteur van “The Goshawk” (De havik) en dat is weer een erg ontroerend persoonlijk dagboek over de relatie tussen mens en dier. In zijn nalatenschap vond men in de jaren ’70 ”Het boek Merlijn”, een prachtige afsluiting van de verhalencyclus over de mythische koning Arthur. Het is onbegrijpelijk dat de boeken van T.H. White (en hun vertalingen door Max Schuchart) nauwelijks verkrijgbaar zijn. Wel tekenend voor onze tijd.

T.H.White covers

Warhols illustratiewerk

4492_awVoordat Andy Warhol als een meteoor doorbrak in de wereld van de moderne kunst, verdiende hij zijn brood met mode- en reclameillustraties. Voornamelijk jonge mensen en katten figureerden in deze werken. Zo’n  300 tekeningen waren in 1990 geregistreerd en opgeborgen in de archieven van de Warhol Foundation. Er verscheen enkele jaren later in Duitsland een boek over een deel van de collectie en ook een kalender. Daarna bleef het lang stil. Momenteel staan de monotypeachtige illustratietechnieken van Warhol weer volop in de belangstelling en toont het Teylers museum in Haarlem, van 1 juni t/m 1 september 2013, ruim 50 van deze tekeningen in het Prentenkabinet.

Toko Shinoda

In maart van dit jaar werd ze 100 jaar, de Japanse kunstenares Toko Shinoda. Met minieme middelen, inkt en penselen, lithografie, maakt ze al een leven lang variaties op abstracte penseelstreken. In al hun eenvoud kunnen ze je diep in het hart raken. In haar eigen woorden: “Certain forms float up in my mind’s eye. Aromas, a blowing breeze, a rain-drenched gust of wind…the air in motion, my heart in motion. I try to capture these vague, evanescent images of the instant and put them into vivid form.”

toko shinoda

Seth

Cover_Its a good lifeSeth is een Canadese auteur van zeer persoonlijke graphic novels, waar ogenschijnlijk niet veel in gebeurt, maar die met hun lage tempo en stille overpeinzingen nog heel lang blijven nazingen. Hieronder de cover van ”It’s a Good Life If You Don’t Weaken”, uit 1996. Hij is tevens een originele ontwerper van boekomslagen, o.a. voor de complete heruitgave van alle ”Peanuts” strips. Zijn tekeningen sierden in het verleden ook het blad “The New Yorker”. Dat laatste geldt onder illustratoren internationaal als de ultieme erkenning.

Russische kleurenfotografie

2013 is door hogere machten tot Ruslandjaar benoemd. Hoewel er weinig reden is om sympathie te voelen voor de huidige Poetin dictatuur, bevat de Russische Federatie gelukkig nog genoeg welwillende mensen en een prachtige cultuurgeschiedenis. In Foam (Amsterdams fotomuseum) loopt van 25 januari tot 3 april de expo ‘Primrose – Russian Colour Photography’. Onderstaande foto (ca. 1900), een van de vroegste kleurenfoto’s in de geschiedenis, roept de sfeer op uit verhalen van Anton Tsjechov en Fjodor Dostojevski. De maker is fotopionier Sergey Prokudin-Gorski (1863-1944). Aan de paarse schimmen op de achtergrond kun je zien dat de opname met kleurenfilters enkele seconden duurde, zodat bewegende figuren niet geheel werden vastgelegd.

Déjà vu

Bij het zien van deze foto van een onbekende fotograaf dacht ik te maken te hebben met ’n op nostalgie gebaseerde modereportage in een hedendaags chique modeblad. Het bleek echter te gaan om een foto uit 1900(!) uit het archief van het Franse echtpaar Hélène Roger-Viollet en Jean-Victor Fischer, die na hun dood een archief, bestaande uit miljoenen foto’s en negatieven, nalieten aan de stad Parijs.

Mini boekjes

In de jaren zeventig publiceerde een populaire supermarktketen die toen al op de kleintjes lette, deze mini-boekjes. Je kreeg ze ‘cadeau’ bij een bepaalde hoeveelheid boodschappen en dat bracht kinderen ertoe hun ouders aan te sporen extra in te slaan. Tegenwoordig zie je dit enkel nog bij de uitbreng van bepaalde films of bij sportevenementen. En vaker in de vorm van poppetjes of buttons. Boekjes zijn niet cool meer. (Naschrift 19-01-13: Toeval bestaat niet. Gisteren presenteerde C1000 in een commercial een identieke actie als toen!)

Lewis Hine

Als leraar in aardrijkskunde en natuurstudies raakte Lewis Hine (1874-1940) geïnteresseerd in het nieuwe medium fotografie. In 1908 koos hij hier volledig voor en startte met het vastleggen van Europese immigranten die op Ellis Island, New York, in grote aantallen werden gekeurd. Pas na zijn dood ontdekte men welke unieke en niets verhullende beelden Hine had geproduceerd op het gebied van immigratie, kinderarbeid, armoede en het harde arbeidersleven in het prille Amerika. Zijn foto van lunchende bouwvakkers, metershoog zittend op een hangende balk tussen de skyline van New York, is in de 21e eeuw nog steeds een gewilde poster. Maar hij had ook aandacht voor het eenvoudige leven op het platteland (foto). Hines werk is tot 6 januari 2013 te zien in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam.

Belle van Zuylen

Het lijkt een stoffig onderwerp maar niets is minder waar: vorige week zijn vier nieuwe en onbekende brieven van Belle van Zuylen (1740-1805) online gepubliceerd. Ze werden onlangs per toeval ontdekt in het archief van de familie Beelaerts van Blokland. In 1994 verscheen een zeer boeiende biografie over deze bijzondere vrouw, geschreven door Pierre en Simone Dubois, evenals diverse uitgaven van al haar brieven. Ze correspondeerde zowel met zeer beroemde als onbekende tijdgenoten en in haar brieven komt het verleden van Europa rond de roerige dagen van de Franse Revolutie tot leven alsof het nog maar gisteren was. Belle stond al in haar eigen tijd bekend als een uiterst intelligente vrouw die zich door niemand de wet liet voorschrijven. Haar manier van schrijven was, en is nog steeds, bondig en helder, zonder veel toeters en bellen. Ook is ze over veel onderwerpen haar tijd ver vooruit en daarom, meer dan tweehonderd jaar later, nog steeds leesbaar en actueel. http://www.gahetna.nl/actueel/nieuws/2012/brieven-belle-zuylen-nu-online-te-lezen

Lyonel Feininger

De Amerikaans-Duitse kunstenaar Lyonel Feininger (1871-1956) begon aan het begin van de 20e eeuw als cartoonist en striptekenaar. Zijn originele strips “Wee Willie Winkie’s World” en “The Kin-der-Kids”, gepubliceerd in de “Chicago Tribune” in 1906, kregen wereldfaam. Vervolgens werd hij als kunstschilder lid van de groep “Blaue Vier”, samen met Klee, Kandinsky en Javlensky en daarnaast docent aan het Bauhaus in Weimar, totdat hij voor de nazi’s moest vluchten naar Amerika. Daar steeg zijn roem als abstracte schilder verder. Zoon Andreas Feininger (1906-1999) werd een legendarische pionier in de moderne fotografie.

Runen

“Toste en Hove, samen met Fredbjørn richtten deze steen op ter nagedachtenis aan Asser Saxe, hun kameraad, een zeer nobele kerel. Hij stierf als de grootste vrijheer onder de mensen; hij bezat een schip samen met Arne.” Een fraaie steen met runenschrift, uit de collectie van het Moesgard museum in het Deense Højbjerg, toont de kracht die deze (meer dan duizend jaar oude) inscriptie zelfs in onze tijd nog uitstraalt.

LM

De reizen naar de maan. Naar mijn mening een cruciale omslag in het zelfbewustzijn van de mensheid. Hét bewijs dat problemen kunnen worden opgelost als er gezamenlijk de schouder onder wordt gezet. Belangrijker nog: de impact van beelden. Ik herinner de verbijstering vanwege foto’s van de Aarde, genomen halverwege de reis. Nooit eerder had iemand de kwetsbare Aarde van zo’n verre afstand op scherpe foto’s kunnen bewonderen. Op school werd er tijdens de lessen vaak over gesproken. Toen in mei 1969 tijdens de laatste testvlucht naar de maan (met de eerste tv-beelden in kleur) de Apollo 10 capsule door de bemanning ”Charley Brown” werd genoemd en de maanlander ”Snoopy”, hoorde ik ook voor het eerst van de in Amerika populaire  strip ”Peanuts”. Hieronder de ontwerpfases van de Lunar Module, de z.g. LM, die een slimme combinatie vormde met de Apollo capsule.

Michiyo Yasuda

Michiyo Yasuda was tot aan haar pensioen in 2008 het hoofd van de inkleurders bij de Japanse studio Ghibli, en veel animatiefilms dragen haar stempel middels prachtig uitgedachte kleurschema’s. In 1997 verscheen een uitgave over haar ideeën en technieken waar ik zeer benieuwd naar was. Een kennis bracht het boekje, inmiddels niet meer in druk, mee uit Japan. Helaas staat er niet één plaatje in en is het geheel in het Japans geschreven. Het duurt nog wel even voor ik dát onder de knie heb…

Super Panavision

Onlangs realiseerde ik mij pas goed, bij het zien van Stanley Kubricks “2001” op hd tv, hoeveel er verloren gaat bij het zien van deze film op ’n klein beeldscherm met pover geluid. Het plaatje links toont een origineel 70 mm stukje filmrol dat persoonlijk in bezit was van Kubrick en bij een speciale uitgave van “The Kubrick Archives” van uitgeverij Taschen ingesloten zat. Het formaat is tweemaal zo breed als een  standaard rolfilm die vroeger in je fototoestel ging (35 mm) en bevat een 6-kanaals (!) geluidsspoor. Het gecomprimeerde beeld werd destijds met behulp van een anamorfotische lens (die een samengeknepen beeld weer tot het normale formaat terugbrengt) op een reusachtig en erg breed filmscherm haarscherp geprojecteerd. Huidige filmtheaters hebben daar de apparatuur niet meer voor. Nu snap ik weer waarom deze film als ‘totaalervaring’ zoveel indruk maakte toen hij in 1968 in première ging; en ook bij mij toen ik hem enkele jaren later voor het eerst zag…

Saul Bass

Felle kleuren en cut-out-achtige designs voor logo’s, posters, boekomslagen en publiciteitscampagnes– geraffineerd gestileerd– vormden zijn handelsmerk. In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd zijn werk spraakmakend en vernieuwend en begon de grote roem. Saul Bass (1920-1996) was tevens een veel gevraagde “visual consultant” voor menig filmregisseur en ontwierp revolutionaire filmtitelanimaties, zogenaamde “motion picture title sequences”. Onderaan vind je vier stills van de titelanimatie voor “Vertigo” van Hitchcock. Daarboven enkele beroemde logo’s van Bass die, in tegenstelling tot wat tegenwoordig het geval is, soms al tientallen jaren in gebruik zijn. Er is in 2011 een prachtig boekwerk verschenen (zie de cover aan het begin) dat alle facetten vandeze maestro laat zien. (Zoals het storyboard van de door Bass bedachte douchescène uit “Psycho” van Alfred Hitchcock, een scène die nog steeds tot de meest gruwelijke hoort in de filmgeschiedenis.)

Ray Bradbury 1920-2012

Ray Bradbury, de schrijver van de s.f. klassieker “Fahrenheit 451” (1953!), vertelde graag hoe hij als twaalfjarige jongen een magiër op de kermis aantrof. Aan het einde van diens optreden raakte de artiest Ray met zijn zwaard aan en riep: “Live forever!” Dat was voor de jonge Bradbury het beste idee dat hij maar kon bedenken en hij begon met schrijven zonder ooit nog te stoppen. In 1990 schreef hij het amusante “Zen in the art of writing”; een in ontspannen stijl geschreven, inspirerende verzameling essays, die je voorgoed van een mogelijke “writers block” afhelpen.

Watership Down

In 1972 verscheen het eerst boek van Richard Adams: “Watership Down”, vertaald in het Nederlands als “Waterschapsheuvel”. Al snel kreeg het een populariteit vergelijkbaar met die van de Harry Potter serie twintig jaar later. Het boek vertelt over de lange reis van een kleine groep konijnen naar veiliger oorden, op de vlucht voor de mens. De mythologisch getinte belevenissen werden geïnspireerd door Adams’ eigen ervaringen als soldaat tijdens de slag bij Oosterbeek, nabij Arnhem, in 1944. Nadat hij tijdens lange autoritten de verhalen aan zijn dochters vertelde, overtuigden zij hem ervan deze om te zetten in een boek. Het beeld komt van de geslaagde tekenfilmversie uit 1978, geregisseerd door Martin Rosen.

Kubrick in Eye!

21 juni t/m 9 september 2012 komt de uitgebreide tentoonstelling over een van de meest invloedrijke regisseurs van de 20e eeuw: Stanley Kubrick (1928-1999) in Eye, Amsterdam. Kubrick is het genie achter films als Spartacus, 2001: A Space Odyssey, A Clockwork Orange, Barry Lyndon en The Shining. Kubricks films zijn zowel uit technisch als artistiek oogpunt verbluffend. Inhoudelijk zocht hij vaak de controverse op. De tentoonstelling is een coproductie met het Deutsches Filmmuseum in Frankfurt en toont scenario’s, storyboards, setmodellen, echte props en kostuums plus fragmenten van de uiteindelijke films en documentaires. Ik zag deze tentoonstelling in 2007 in Gent, maar kwam ogen te kort: tijd voor een herkansing dus.

Moebius-Gir 1938-2012

“Frankrijk verloor twee van zijn beste tekenaars, verenigd in één man”. Woorden van die strekking sprak de Franse cultuurminister Frédéric Mitterand na het overlijden van striptekenaar/kunstenaar Jean Giraud, in maart 2012. Groot geworden in de gouden jaren van het Europese beeldverhaal werd hij aanvankelijk beroemd als tekenaar van de westernstrip “Blueberry”. Daarna was Giraud in 1974 een van de oprichters van uitgeverij Les Humanoïdes Associés, uitgever van het legendarische blad “Métal Hurlant” waarin hij onder het pseudoniem Moebius de wereld veroverde met prachtige, poëtische strips in pen en aquarel. Ontelbaar veel jongere tekenaars trachtten hem te evenaren en Girauds vormgeving bepaalde de belangrijkste s.f. films uit Hollywood vanaf de jaren ’80. Hij laat honderden tekeningen na (Giraud tekende enorm snel) en wordt door velen beschouwd als de tweede grote stripvernieuwer na Hergé.

Marisol

Als kind zag ik in een kindermatinee een film van dit Spaanse ‘kindsterretje’, beroemd van Amerika tot Japan. Van haar muzikale capriolen en het zoetsappige verhaal kraakte het glazuur op m’n tanden. Onlangs moest ik per toeval toch weer aan haar denken en ontdekte dat Marisol (Pepa) Flores zich in de decennia daarna heeft ontpopt tot een zeer gerespecteerde zangeres en actrice, met twee talentvolle dochters die in haar voetsporen zijn getreden. Inmiddels is ze in Spanje een levende legende en leidt ze een leven buiten de schijnwerpers.

Telefoonkaarten

Wie heeft het nog over telefoonkaarten? Nog niet zo lang geleden werden het verzamelobjecten en er zaten dan ook mooie exemplaren tussen. Deze heb ik zelf nog. Twee kaarten met voor- en achterzijden.

Steve Jobs 1955-2011

In 1989 kochten wij onze eerste computer: de Macintosh LC II van Apple. Een pc met een primeur: een kleurenbeeldscherm. Met de eerste versies van Illustrator, Photoshop en QuarkXpress als software. Het was best lastig om er mee te werken. Heel wat slapeloze nachten volgden uit vrees dat ik het apparaat onherstelbaar had beschadigd. Vandaag nauwelijks nog voor te stellen als ik zie hoe vanzelfsprekend de Mac is geworden. Aanvankelijk dacht ik dat de grens van het mogelijke op computergebied snel bereikt was. Om vervolgens te constateren hoe die grens iedere keer weer doorbroken werd. Tegenwoordig geloof ik dat (bijna) alles kan! De digitale revolutie bracht ook een nieuwe invalshoek met zich mee tegenover de traditionele manier van tekenen en schilderen. Waar je vroeger een hele studioruimte voor nodig had, zit nu in een klein kastje. Maar verf, potloden, penseel en papier verliezen hun magie nooit.

Homer

Winslow Homer (24 februari 1836 – 29 september 1910) was een Amerikaanse landschapsschilder en graficus, met een voorliefde voor maritieme onderwerpen. Van huis uit autodidact werkte Winslow Homer zich aanvankelijk op als illustrator. Al snel ontpopte hij tot een meesterlijke schilder die elke techniek beheerste. In het bijzonder zijn aquarellen, vaak ontstaan tijdens reizen, zijn legendarisch. Deze houtsnede, die veel van een strippagina weg heeft, was een vroege tijdschrift-illustratie voor “Harper’s Weekly”, nr. 18, op 28 februari 1874.

Storyboard

Alfred Hitchcock maakte gebruik van de beste creatieve geesten van zijn tijd om het meesterwerk “The Birds”, uitgekomen in 1963, vorm te geven. Production designer Robert Boyle maakte tijdens brainstorm sessies met de regisseur ruwe houtskool schetsen en liet ze daarna uitwerken door storyboard artist Howard Michelson, die eventueel nog enkele nieuwe ideeën toevoegde. Voor veel scènes werden meerdere storyboards gemaakt totdat Hitchcock de beste versie uitkoos en exact na liet spelen door zijn acteurs op locatie.

The Go-between

Tot de top 5 van mijn meest favoriete films behoort “The Go-between”, van Joseph Losey. Het was de eerste film voor volwassenen die ik in mijn leven zag. Tot dan toe bood de filmliga op school avonturenfilms met een duidelijk begin, midden en einde. Deze keer werd ik teleurgesteld, omdat ik van het verhaal geen snars begreep. Ik bezat ongeveer dezelfde leeftijd als de hoofpersoon Leo in de film (±12), en dat maakte dat deze film mij toch niet onverschillig bleef. De flashbackstructuur in het verhaal van Harold Pinter tilde mijn gevoel voor verhaalstructuur meteen op een hoger plan. Het gaat in de film over verboden liefde, seksueel ontwaken, standenmaatschappij en geschonden vertrouwen. Onlangs kon ik via een Engelse leverancier de dvd aanschaffen. De film heeft na 41 jaar nog exact dezelfde kwaliteit en elke scène is nog precies zoals ik mij herinnerde. Tijd voor een Joseph Losey retrospectief in de filmhuizen?

Toekomst

De laatste shuttles keren terug op aarde. Het geld is op. De geestdrift verdwenen. Vroeger waren de planeten dichterbij dan nu. Zal ik nog meemaken dat mensen na een reis van 2,5 jaar Mars bereiken? Waarom zouden ze? Gewoon, omdat het er is…

Alex North

Nu Liz Taylor overleden is valt de aandacht weer op haar beroemdste (maar zeker niet beste) film “Cleopatra”. Bijgaande poster-art van Howard Terpning brengt tegenwoordig 3000 dollar op. De spektakelfilm heeft een unieke filmscore voortgebracht, gecomponeerd door Alex North (1910 – 1991), die ook tekende voor andere klassieke Hollywoodfilms, zoals “A Streetcar named Desire” en “Cheyenne Autumn”. Overigens komt het schitterende camerawerk van Leon Shamroy op bluray pas weer goed tot zijn recht. Oorspronkelijk duurde de film zes uur, maar tegenwoordig 3 uur en 40 minuten; ook ’n hele zit. De volledige versie schijnt veel volmaakter te zijn, maar al het weggesneden filmmateriaal lijkt verloren te zijn gegaan.

Briefgeheim

Soms prikkelt een bijzonder voorwerp ineens de fantasie. Gekregen van een kennis, die erbij vermeldde dat het poststuk tevoorschijn kwam na een renovatie van zijn huis. De envelop dateert van 1949; de inhoud is verloren. Waarom die zegellak? Wie of wat heet Schwarzberg? Is het een brief afkomstig van een diplomatieke dienst? Food for thought!

Tocht door de nacht

De ”Geïllustreerde Pers”, uitgever van tijdschriften en boeken die aan huis werden bezorgd, gaf lang geleden onder eigen naam Belgische stripboeken uit, hoofdzakelijk van uitgeverij Lombard. Op Wikipedia is de volgende anekdote te vinden: De rivaliteit die destijds heerste tussen de weekbladen Robbedoes en Kuifje komt aan bod in het Michel Vaillant album “Tocht door de Nacht” wanneer Graton een vrachtwagen van de transportfirma Vaillant een lading papier laat opladen bij “uitgeverij Van de Put” in Marcinelle (waar uitgeverij Dupuis gevestigd is) en blijkt dat er niet alleen papier geladen wordt maar er ook illegaal wapens aan boord van de vrachtwagen gesmokkeld worden, dit alles terwijl de jonge bijrijder van de Vaillant vrachtwagen zit te lezen in een exemplaar van het weekblad Kuifje dat hem door een personeelslid van de drukkerij is overhandigd (einde citaat). Na een conflict met zijn uitgever startte Graton met veel succes zelf een uitgeverij: “Graton éditeur”. Inmiddels heeft zoon Philippe het levenswerk van zijn vader (88 alweer) overgenomen.

Hanna Barbera

In de jaren ’60 en ’70 werden tekenfilmseries op tv voornamelijk gedomineerd door de producties van de “Hanna Barbera” studio’s. Deze shows worden momenteel weer volop gerecycled, zoals deze maand met de première van de nieuwe “Yogi Bear” film. “De Flintstones”, “de Jetsons”, “Top Cat”, “Huckleberry Hound”, “Magilla Gorilla” waren andere bekende namen. Voortkomend uit de klassieke animatiewereld maakten William Hanna en Joseph Barbera naam met goedkoop geproduceerde series, gebaseerd op limited animation, waar de televisiemaatschappijen grote behoefte aan hadden. Nadat Ted Turners “Cartoon Network” de studio in de jaren ’90 overnam en HB na de dood van beide oprichters opging in “Warner Bros. Animation”, wordt de naam nog alleen juridisch gebruikt.

U&lc

Tot aan het eind van de jaren negentig was het kwartaalblad “Upper & lower case” een onuitputtelijke bron van inspiratie op typografisch gebied, opgesierd door spraakmakende covers. Het werd uitgegeven door de “International Typeface Corporation”, opgericht door de typografen Aaron Burns, Herb Lubalin en Edward Rondthaler, wiens letterfonts dagelijks worden gebruikt over de hele wereld.

Tovenaarsleerlingen

Heel lang geleden waren er eens een tovenaar en negen hulpjes die prachtige sprookjesfilms maakten. Van video’s en dvd’s had toen nog niemand gehoord en je mocht al blij zijn als je geld genoeg had voor de bioscoop, of als je plaatjes uit de films te pakken kreeg. Je kon ze verzamelen in een plakboek met het verhaal erbij. Toen de tovenaar stierf gingen gewiekste zakenlieden met zijn figuren aan de haal om de wereld te overvoeren met fantasieloze imitaties. Maar intelligente leerlingen, zoals de mensen van Pixar studio’s en studio Ghibli, koesteren nog altijd het oude vakmanschap dat Walt en zijn nine old men* ons schonken.
(*Frank Thomas, Ollie Johnston, Ward Kimball, Marc Davis, Wolfgang Reitherman, Les Clark, John Lounsberry, Eric Larson en Milt Kahl vormden de kern van de groep animatoren en regisseurs in de gouden jaren van de Disney studio’s.)

Saturnus’ ringen

Ruimtevaart en astronomie hebben mij van jongsafaan gefascineerd. Exotische vormen en patronen, subtiele nuances, oogverblindende kleuren en onuitputtelijke raadsels. Altijd blijken de grenzen van het menselijk voorstellingsvermogen te kunnen worden opgerekt.

Kauwgumplaatjes

Waarschijnlijk om de verkoop van pakjes kauwgum te vergroten werden er ooit aantrekkelijke plaatjes bij gestopt. De “kauwgumplaatjes” hoorden tot de vaste uitrusting van scholieren. Tegenwoordig zijn het plaktattoos, stickers, speelkaarten van Bakugan of Pokemon en speelt de kauwgum geen rol meer. De onderwerpen varieerden vroeger van Batman, Thunderbirds en Huckleberry Finn tot ruimtevaart- en voetbalplaatjes. Soms was de achterkant een spelletje of een deel van een puzzel en compleet als het laatste kaartje in je bezit kwam. Dat veroorzaakte een levendige ruilhandel op het schoolplein. Nu de vraag: welke achterkant hoort bij welk onderwerp?

Colorama

Tot de jaren ’90 waren “Colorama’s” (grootformaat feelgood dia’s – 5 x 18 m, verlicht door meterslange TL buizen en geproduceerd door Kodak) een bezienswaardigheid. Het fenomeen was geïnspireerd door het succes van Cinemascope in de bioscopen en de opkomst van de kleurenfotografie. Iedere drie tot vijf weken wisselde de panoramische lichtbak in de grote hal van het Grand Central Station in New York van onderwerp. Tegen het einde van de 20e eeuw vervloog de magie van statische reuzendia’s, oplichtend in een donkere stationshal, door de explosieve groei van neon en LCD displays vol beweging. Deze afbeelding uit 1957 is geënsceneerd door de beroemde illustrator Norman Rockwell en gefotografeerd door Ralph Amdursky en Charles Baker. (Zie ook de link onder ‘Inspiratie’.)

Hans Kresse

Weinig striptekenaars konden met inkt en penseel zo scherp een sfeer scheppen als de Nederlander Hans G. Kresse (1921-1992). Hoewel zijn werk in hoogtijdagen over heel Europa bekend was (in de vorm van tekeningen met twee kolommen tekst eronder) worden de verhalen van Eric de Noorman niet vaak meer gelezen. Toch valt er voor lezers die er de tijd voor nemen heel wat te genieten. Kresse liet zijn hoofdrolspelers verouderen en soms sterven; heel zeldzaam in het genre. Zijn beroemdste creatie Eric kreeg een zoon, Erwin, die in de laatste verhalen op de voorgrond trad. Daarnaast werd Hans Kresse via zijn indianenstrips steeds meer pleitbezorger voor de rehabilitatie van het imago van de Noord-Amerikaanse indianen. Persoonlijk vind ik zijn weergave van natuur en dieren adembenemend.

Una canzone

Deze curieuze kaart vond ik laatst op de rommelmarkt. Het is een A5 ansichtkaart uit het midden van de twintigste eeuw waarin een singeltje is verwerkt met daarop een Italiaans volksliedje uit de Dolomieten. Inmiddels ben ik erachter gekomen dat het hier gaat om het Napolitaanse liedje “Lazarella” uit 1957. Op de foto zijn vaag de contouren van de groeven zichtbaar. Op deze link is het liedje te beluisteren: Italiaans volksliedje

Tati-Chomet

Momenteel draait in enkele bioscopen de animatiefilm “l’Illusioniste” van Sylvain Chomet. Voorheen maakte hij met zijn team het vermakelijke “Les Triplettes de Belville”. De nieuwe film is gemaakt op basis van een oud script van grootmeester Jacques Tati, wiens bijzondere films sinds kort opnieuw in roulatie zijn gegaan. Zie voor de trailer: http://www.lillusionniste-lefilm.com

Ett Hem

De Zweedse schilder Carl Larsson (1853-1919) en zijn gezin vormen de spil van talloze aquarellen en olieverfschilderijen, die in boekvorm en reproducties tot op heden rond de wereld gaan. Na een jeugd vol armoede en ellende werd Larsson vanaf het verschijnen van het prentenboek “Ett Hem” (“Ons huis”) een gevierd kunstenaar. Door de aankoop van een boerderij genaamd “Spardarvet”, legde hij zich vooral toe op het vastleggen van het boerenleven. In 1996 schreef de romancier Philippe Delerm een prachtige roman over de kunstenaarskring rondom de Larssons: “Sundborn, of de dagen van licht”. De hier afgebeelde aquarel “Kreeftenvangst”, in bezit van het Nationalmusei in Stockholm, is een van mijn favoriete prenten.

Truffaut

Francois Truffaut was een inspirerende schrijver en filmmaker die in oktober 1984 te vroeg gestorven is. Hij herwaardeerde het werk van Hitchcock en liet zelf prachtige films na, zoals zijn overrompelende debuut “Les quatre cents coups”, “Jules et Jim”, “L’Enfant sauvage”, “La Nuit Americaine” (Oscarwinnaar) en “La chambre verte”. Het afgebeelde boek is de Amerikaanse vertaling uit 1978 van “Les films de ma vie”; een verzameling recensies uit o.a. “les Cahiers du Cinéma”. Let vooral op de typische jaren ’70 typografie van de cover.

Spartacus

Niet zelden worden releases van grote nieuwe speelfilmproducties begeleid door uitbundig publiciteitsmateriaal, zoals foto’s en boekwerkjes. Dit is een oud exemplaar uit ± 1960, gevonden op een boekenmarkt, van de film “Spartacus”. Een film die vandaag de dag nog altijd staat als een huis. Het album is prachtig geïllustreerd en bevat veel foto’s uit de film. Opvallend is echter dat de naam van de regisseur  -Stanley Kubrick- nauwelijks vermeld wordt, in tegenstelling tot die van producent en hoofdrolspeler Kirk Douglas (de inmiddels hoogbejaarde vader van acteur Michael Douglas). De verhoudingen waren tijdens de draaiperiode behoorlijk kil geworden, en dat lag volgens bronnen vooral aan de sterallures van Douglas.

Jean-Jacques Sempé

Op zijn negentiende begonnen als tekenaar, werd deze Franse cartoonist/illustrator vooral bekend door de avonturen van “Le Petit Nicolas”, geschreven door René Goscinny. Hij maakte meer dan zeventig covers voor de New Yorker. Dit subtiele voorbeeld uit 1988 is er een van.

George Eastman

Twee foto’s van vrouwen tijdens een alledaagse bezigheid. De linkerfoto is een jaar na de geboorte van George Eastman gemaakt, in 1855, de rechterfoto dateert van 1909.
Het “George Eastman House” in Rochester in de staat New York beheert talloze van dit soort magnifieke foto’s. Vaak stammen ze uit fotocollecties die via de nalatenschap van verzamelaars of originele eigenaars aan het museum gedoneerd werden. George Eastman (1854-1932) stond aan de wieg van de moderne fotografie, als uitvinder van de rolfilm en de kleine Kodak “brownie” handcamera. Tot dan toe was fotografie een vak beheerst door enkelingen; nu werd het een alledaagse bezigheid voor miljoenen.
Om een idee te geven hoe het verleden ons op de hielen zit: de linkerfoto is slechts 34 jaar na de dood van Napoleon Bonaparte op St. Helena gemaakt. Zo dicht liggen moderne en klassieke tijden bij elkaar.

Time–Life

Voor het bestaan van computers, tekentabletten en Photoshop had je nog knappe illustratoren die met verf en penselen, en een enkele airbrushspuit, de fantasie prikkelden van lezers die meer wilden weten over historie, natuur en techniek. Jarenlang bundelden de weekbladen “Time” en “Life” hun krachten in fraai vormgegeven boekuitgaven om de gemiddelde burger bij te praten over de aktuele kennis van deze onderwerpen. De laatste jaren is deze taak vooral verlegd naar de succesvolle wetenschapskanalen op televisie. Toch maken ook nu nog illustratoren van “National Geographic” magazine zorgvuldige illustratieve infographics waarvan een belangrijk gedeelte handwerk is.

Lost in space

Terugkomend op de beroemde Classics stripboekjes uit de jaren vijftig en zestig laat ik hier enkele voorbeelden zien van “de Robinsons”. Een s.f. stripreeks over een typisch Amerikaans gezinnetje dat met hun ruimtestation op drift raakt in het heelal. Ondanks de immense leegte tussen ons zonnestelsel en andere ‘galaxies’, hebben ze de ene aanvaring na de andere met ‘allochtonen’ (in die tijd bedoelde men met die benaming nog gewoon buitenaardse wezens). Dankzij de doeltreffende tekenstijl van strip routinier Dan Spiegle en de fantasierijke verhalen, werden deze boekjes verslonden. Sindsdien twijfel ik natuurlijk geen moment meer aan het bestaan van verre sterrenstelsels met bewoonde planeten.

Ecce Homo

De man op deze foto behoorde in zijn jonge jaren tot de weinige mensen die de spot durfden te drijven met de nazi’s en het overleefden. Hij heette George Grosz. Zijn brutale teken- en schilderwerken waren tussen 6 mei en 30 juli 1995 te bewonderen in Düsseldorf tijdens een grote overzichtstentoonstelling van Grosz’ werk, de grootste over één kunstenaar die ik ooit heb gezien. De originelen van zijn tekeningen en aquarellen zijn magistraal en komen in drukwerk nauwelijks tot hun recht. De aquarel uit 1921 rechtsonder, getiteld: “Der Mensch ist gut”, komt uit de verzamelmap “Ecce Homo”, een sleutelwerk uit zijn enorme productie, vol sarcastische schetsen van het geruîneerde Duitsland tussen de twee wereldoorlogen.
Pas enkele jaren geleden ontdekte ik in Gent op een andere grote overzichtstentoonstelling, gewijd aan Stanley Kubrick, dat hij als beginnende fotograaf (en latere filmlegende) deze foto voor LIFE magazine maakte: George Grosz, aan het eind van zijn leven als banneling levend in New York.

Avatar avant la lettre

Denk niet dat de 3D film “Avatar” iets wezenlijks nieuws brengt. Al in de jaren ’50 maakt de Nederlandse poppenfilmstudio “Dollywood” van Joop Geesink 3D boekjes voor Planta margarine. Bij ieder pakje boter kreeg je plakplaatjes (wonderplaatjes genoemd) en om de zoveel tijd het boekje om ze in te plakken. Pukkie reisde in de eerste vier boekjes naar de ruimte en in de volgende vier delen belandde hij op de oceaanbodem. De acht verhalen werden geschreven door Johan Veeninga.

Voor de jeugd van 7 tot 77 jaar

Er was nog niet veel vermaak in de periode tussen begin vijftiger en eind zestiger jaren. Voor heel wat kinderen, voornamelijk jongens, maakte dit niets uit. Ze leefden namelijk in de gouden decennia van het beeldverhaal, met Hergé’s Kuifje albums aan de top. Geïnspireerd door Edgar P. Jacobs, Bob de Moor, Jaques Martin en andere medewerkers van Hergé ontstond daarna een hele nieuwe generatie stripmakers: Jean Graton, Eddy Paape, Edouard Aidans, Hermann Huppen, Greg, Tibet (kortgeleden overleden), Albert Weinberg en nog vele anderen. Ze kregen hun podium in het weekblad “Tintin/Kuifje” en het Nederlandse “Pep”. Inmiddels zijn ze overleden of hoogbejaard, de helden van toen…